Is het goed voor je carrière om dingen te doen die je leuk vindt? 'Absoluut niet', vindt consultant Jan Brandenbarg van Vergouwen Overduin. Beter voor je carrière is het om de Birkmantest te doen.
Brandenbarg: 'Je passie volgen is een modieuze kreet. Kijk ik naar mezelf, dan weet ik al dat het niet werkt. Ik vind muziek maken fantastisch, maar ik heb geen talent. Dus blijft muziek maken een hobby. "Go for it" is onzin in dit geval.' Het advies van de consultant is drieledig: werk doen dat je boeit, in een omgeving die voor jou geschikt is, met je eigen talenten.
Voor de eerste twee zaken beschikt Brandenbarg over de Birkmantest. Mensen zijn verschillend en hebben verschillende verwachtingen over hun werkomgeving. Vaak zijn ze zich niet bewust van deze verwachtingen.
Managers bij grote beursgenoteerde bedrijven als banken en oliemaatschappijen krijgen tegenwoordig steeds vaker een 'Birkman'. De test geldt als makkelijk om te doen en is een van de 'leuke dingen' voor de medewerkers. Humanresourcesmedewerkers reageren wat vermoeid op de test. In hun ogen is het een van de vele mogelijkheden om meer over motivaties en voorkeuren te weten te komen. Maar het is vooral een 'cadeautje', wat een motivatie op zich kan zijn.
Wie is die Birkman eigenlijk? Bibliotheken hebben geen boeken op naam van deze man. Roger Birkman blijkt een weinig bekende Amerikaanse psycholoog, die in Houston voor zichzelf begon als consultant. In 1951 ontwikkelde hij een eigen vragenlijst om zijn klanten meer zelfinzicht te kunnen geven. Via de antwoorden op de vragenlijst komen interesses, behoeften en voorkeuren voor 'gedragsstijlen' voor eenieder uit de computer rollen.
Hoe Birkman de berekeningen exact doet, is een goed bewaard geheim gebleven. De inmiddels immense database uit Houston is uit concurrentieoverwegingen niet toegankelijk. Intussen is het bedrijf uitgegroeid tot Birkman Int. Inc. en is er door wetenschappers gepubliceerd over de methode. Maar hoe de methode tot de scores komt, blijft geheimzinnig.
Brandenbarg is degene die de Birkmanmethode heeft vertaald in het Nederlands. Hij is ook degene die consultants in de methode opleidt. Hij ontdekte Birkman begin jaren tachtig op een congres van de American Society for Training en Development. Hier was ook een beurs, en tussen honderden stands met uitbundige folders en reclamemateriaal zag hij een mismoedige intellectueel aan een tafeltje zitten. Desgevraagd bleek deze Roger Birkman over ordners vol cijfermateriaal te beschikken. Een boek over de methode had hij niet. Dat kwam later, toen reclamejongens een ghostwriter voor Birkman inhuurden.
Folders zijn er inmiddels wel. 'De Birkman-vragenlijst geeft u inzicht in uw sterke kanten en hoe u het beste kunt samenwerken met anderen. Het is geen test waarvoor u kunt slagen of zakken; er zijn geen goede of foute antwoorden. Alle informatie die u geeft is vertrouwelijk.'
Vooruit dan maar, ik ga de vragenlijst invullen. Hoe ziet u de meeste mensen? Hoe ziet u uzelf? Welke functies interesseren u het meest? Van allerlei uitspraken moet ik aangeven of ze voor mij waar of niet waar zijn. Dat kost ongeveer drie kwartier. En dat kan ik achter mijn eigen computer doen. De uitspraken zijn opvallend simpel. 'De meeste mensen werken graag snel.' Gewoon invullen wat het eerste bij je opkomt.
Een Birkmantest staat of valt met de bespreking. Ik heb een afspraak in het kantoorgebouw van Vergouwen Overduin aan de A9. Ik heb me vast voorgenomen geen aanwijzingen over mijn karakter weg te geven. Op elke opening ga ik neutraal reageren, want ik wil weten waar Brandenbarg op basis van mijn scores mee gaat komen.
Brandenbarg toont zich opvallend direct en joviaal. Wanneer ik zijn kamer betreed, zie ik mijn rapportage al klaarliggen. Een flinke stapel papier (zo'n zeventig bladzijden) vol gekleurde balken en staven. 'Vond je het geen stomme vragen?', roept Brandenbarg. Ik moet toegeven dat ik er weinig genuanceerds aan heb kunnen ontdekken. Ik ben zelfs behoorlijk sceptisch.
Maar dan de antwoorden. Van de conclusies ben ik diep onder de indruk. Met pijnlijke precisie brengt Brandenbarg de tegenstelling aan het licht tussen wat ik van mezelf vind en wat anderen van mij vinden. Het is raak, meteen in het eerste kwartier van ons gesprek. Hoe langer ik erover nadenk, hoe knapper ik het vind. Want Brandenbarg heeft zijn conclusie meteen aan mij voorgelegd. Zelfs de gebruikelijke intro 'Heb je het goed kunnen vinden?' laat hij achterwege. Dus moet de informatie voor zijn analyse uit de verwerking van mijn antwoorden uit Houston komen.
Het rapport begint met uitleg over je voorkeursstijl. Voor een beter inzicht is er een schema met twee begrippenparen: direct (boven de streep) versus indirect (onder de streep) en taakgericht (links) versus mensgericht (rechts). Van rechtsboven naar links en dan naar beneden zijn er vier kleuren. Groen, direct en mensgericht is voor Praters. Rood, direct en taakgericht, is voor Doeners. Geel, indirect en taakgericht is voor Bewakers. Blauw, indirect en mensgericht is voor Denkers. Simpel, maar handig.
Bepaalde beroepsgroepen hebben gemiddeld genomen een voorkeur voor een bepaalde stijl. Apothekers en accountants? Geel. Psychiaters? Blauw. Verkopers zijn in de regel groen. Wat niet betekent dat je met een blauwe voorkeursstijl geen goede verkoper kan zijn.
De kleuren zijn niet het hele verhaal. In het pak papier, de rapportage, komen maar liefst 55 scores voor. Die scores zijn gebaseerd op vergelijkingen en van die scores word je als leek niet veel wijzer. Je hebt een consultant nodig om de scores betekenis te geven. Of je tijd, zin en geld hebt om het logische vervolgtraject, loopbaancoaching, te gaan volgen is een keuze.
Maar bij de opwelling in de carrière alleen 'het hart te gaan volgen' is het zeker raadzaam eerst een 'Birkman' te doen. Zoals de IT-functionaris met een duidelijk gele voorkeursstijl, die zo graag 'meer voor mensen' wilde gaan werken. Brandenbarg adviseerde hem een bestuursfunctie te nemen bij een zorginstelling, 'want als zo iemand in een groene of blauwe omgeving moet werken, wordt dat zeker een ramp'.
Birkmantest
[Auteur]: M. van Laer
[Bron]: Het Financieele Dagblad